In 2025 hield de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) toezicht op afgesloten deuren in de zorg. We bezochten 113 instellingen in de gehandicaptenzorg, verpleging & verzorging, geestelijke gezondheidszorg en jeugdhulp om te kijken hoe zij met sloten op deuren omgaan.
Open deuren zijn de standaard
Het uitgangspunt is dat een open deur de standaard is. Als een afgesloten deur of insluiting toch nodig is, dan moeten de besluitvorming en uitvoering zorgvuldig zijn gedaan, volgens de geldende richtlijnen
Waarom dit toezicht?
Met dit toezicht wil de inspectie zicht krijgen op wat er wel en niet werkt bij de uitvoering van het openen en afsluiten van deuren. We willen dat zorgaanbieders zich meer bewust zijn van de open deuren-standaard, en hun beleid hierop inrichten.
Wij zagen in 2024 dat het insluiten van cliënten of patiënten in alle zorgsectoren nog vaak voorkomt. Het aantal registraties van afgesloten deuren stijgt elk jaar. De inspectie maakt zich zorgen over deze ontwikkeling. Want cliënten en patiënten hebben het recht op vrijheid om te gaan en staan waar zij willen. En iemand insluiten raakt cliënten of patiënten, maar óók zorgverleners.
Soms is het insluiten zelf risicovol. Daarom moeten de zorgprofessionals altijd onderzoeken of er vrijwillige of minder ingrijpende oplossingen zijn. Is er écht geen andere oplossing dan insluiten? Dan moet dit zo kort mogelijk, zorgvuldig en in nabijheid van een zorgprofessional. En altijd op basis van een wettelijke grondslag (Wzd/Wvggz).
Vragen en antwoorden over open deuren
Het toezicht op open deuren is tijdens webinars besproken met verschillende zorgsectoren. De aanwezige zorgaanbieders, zorgverleners, jeugdhulpaanbieders en jeugdhulpverleners konden vragen stellen en hier volgt een aantal van die vragen- met de antwoorden.
Als de voordeur wegens veiligheid op slot zit, maar een cliënt kan er wel zelfstandig in en uit. Is dit dan een gesloten deur?
Antwoord
Nee, dit is geen gesloten deur. We spreken over gesloten deuren als een cliënt niet zelfstandig de deur in en/of uit kan of mag. De cliënt moet bijvoorbeeld een zorgverlener vragen de deur te openen of toestemming krijgen diens kamer te verlaten.
Antwoord
De Wvggz en de Wzd geven geen exacte definitie van insluiten. In de regeling Wzd en Wvggz is onderscheid gemaakt in subcategorieën van insluiten, zoals in eigen kamer of separeerverblijf.
Voor de Wvggz kan er voor definities gekeken worden naar de veldnorm insluiting en registratie van vormen van toegepaste verplichte zorg.
Antwoord
Cameratoezicht valt onder de categorie: Uitoefenen van toezicht op de cliënt. Het kan een vorm van onvrijwillige of verplichte zorg zijn. Dit hangt af van de situatie.
Besluitvorming en uitvoering moet volgens de Wzd of Wvggz verlopen.
Binnen de Jeugdwet valt cameratoezicht onder vrijheidsbeperkende maatregelen waarvoor alleen toestemming is (onder voorwaarden) in de gesloten jeugdzorg.
Antwoord
De deur op slot doen om een cliënt tegen te houden om naar buiten te gaan, is beperken van de bewegingsvrijheid. Het kan een vorm van onvrijwillige of verplichte zorg zijn. Dit hangt af van de context.
Besluitvorming en uitvoering moet volgens de Wzd of Wvggz verlopen.
Binnen de Jeugdwet mag de deur alleen dicht in de gesloten jeugdhulp, binnen de open jeugdhulp mag dit niet en moeten cliënten vrij in en uit kunnen gaan.
Antwoord
De zorgorganisaties zijn verantwoordelijk voor het beleid en het ondersteunen van professionals in de uitvoering van hun werk. Een gezamenlijke visie geeft hierbij richting. Zorgverleners moeten niet het gevoel hebben dat zij deze verantwoordelijkheid alleen dragen.
Antwoord
De inspectie beoordeelt zo’n melding als alle meldingen. De inspectie kijkt:
- of de zorgaanbieder zorgvuldig heeft onderzocht wat er is gebeurd
- of verbeteracties zijn uitgezet als dat nodig was
- of er van de situatie is geleerd
Hoe ga je om met een verschil van mening tussen de wettelijke vertegenwoordiger en de zorgverlener? Bijvoorbeeld als de zorgverlener van mening is dat het veilig genoeg is, maar de vertegenwoordiger ziet dit anders. Wie beslist dan als een cliënt wilsonbekwaam is?
Antwoord
Tijdens de bezoeken zag de inspectie dat het belangrijk is dat naasten vanaf het begin goed betrokken zijn bij de plannen. En dat er ruimte is voor hun perspectief. Ook zag de inspectie dat er niet één goede manier is om dit te doen. Het is belangrijk dat zorgaanbieders hun ervaringen met elkaar delen en zo met elkaar en van elkaar leren.
Bijvoorbeeld met druk vanuit naasten of politie wanneer zij geen voorstander zijn van het openen van de deuren of beperken van insluiten? Of druk vanuit de maatschappij omdat mensen bang zijn dat verwarde mensen overlast veroorzaken. Hoe krijgen we de maatschappij mee in de ontwikkeling dat een open deur de standaard is?
Antwoord
Tijdens de bezoeken zag de inspectie dat het belangrijk is om de omgeving op tijd te betrekken om zo samen een verandering te starten. Ook zag de inspectie dat er niet één goede manier is om dit te doen. Er zijn veel partijen die hier een rol in hebben, zoals zorgaanbieders, brancheverenigingen, cliëntenorganisaties, de omgeving, de politie, de gemeenten.
Als een cliënt wegloopt, wie brengt dan de cliënt terug als niemand beschikbaar is (zorgverleners en/of naasten)?
Antwoord
De inspectie zag tijdens de bezoeken dat dit een dilemma is. Een lastige situatie omdat verschillende waarden botsen. Er is geen antwoord dat altijd goed is. Dit moet individueel onderzocht en overwogen worden en hangt af van de situatie.
Antwoord
De meeste zorgverleners van de zorgaanbieders vertelden dat zij niet meer werkdruk ervaren nu de deuren open zijn of cliënten minder worden ingesloten. Zij ervaren zelfs minder werkdruk, omdat cliënten over het algemeen minder onrustig zijn en minder drang hebben om naar buiten te gaan.
Hoe kunnen we zorgen dat zorgaanbieders meer met elkaar in contact komen om van elkaar te leren zodat niet iedereen zelf moet uitvinden hoe het werkt?
Antwoord
Tijdens de bezoeken hoorde de inspectie van zorgaanbieders dat zij dit onderwerp met elkaar bespraken binnen hun lerende netwerk. Wanneer je als zorgaanbieder geen onderdeel bent van een lerend netwerk kan je zelf proactief contact zoeken met andere zorgaanbieders. Ook is het mogelijk om bijvoorbeeld via een bracheorganisatie in contact te komen met andere zorgaanbieders. Wees creatief, maar vooral actief in het vinden van een manier om samen met anderen te leren.
