Hier leest u meer over de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd, bijvoorbeeld wie hieraan dient te voldoen. Ook leest u wat hierin de rol is van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).

Wie is verplicht de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd af te leggen?

Een WTZi-toegelaten instelling moet haar jaarstukken voor 1 juni van ieder jaar elektronisch deponeren bij het CIBG. Volgens artikel 1.1 van de Jeugdwet geldt dit ook voor jeugdhulpaanbieders. Dit heet de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd (de jaarverantwoording) en kan via Jaarverantwoordingzorg.nl.

Deze instellingen zijn wettelijk verplicht om jaarlijks verantwoording af te leggen over de manier waarop de instelling het geld uit de Wet langdurige zorg (Wlz) en Zorgverzekeringswet besteedt. Daarnaast geeft de jaarverantwoording instellingen de mogelijkheid maatschappelijke verantwoording af te leggen over de besteding van publiek geld en over de totale organisatie van de instelling. Op deze manier wordt bijgedragen aan transparantie binnen de zorgsector.

Welke rol hebben het CIBG en de inspectie?

CIBG

Het CIBG is verantwoordelijk voor het elektronische systeem waarin de gegevens gedeponeerd moeten worden. Dit systeem bevat ook alle contactgegevens van instellingen die verantwoordingsplichtig zijn.

Inspectie

De inspectie is verantwoordelijk voor de handhaving op de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd. Na 1 juni krijgt de inspectie van het CIBG een overzicht met instellingen die niet aan de verplichting Jaarverantwoording Zorg en Jeugd hebben voldaan.

Instellingen die geen uitstel hebben gekregen van de inspectie, kunnen dan een brief met een ‘voornemen last onder dwangsom’ verwachten. Als ze daar niet binnen 4 weken op reageren, volgt de last onder dwangsom zelf.

Uitstel

Hoe kan een instelling uitstel aanvragen?

Alleen in geval van overmacht komt een instelling in aanmerking voor uitstel. Een verzoek tot uitstel van het indienen van de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd moet u voor 1 april indienen. Vul hiervoor het formulier uitstel Jaarverantwoording in. De ontvangst van uw stukken wordt door de inspectie bevestigd. Binnen een termijn van (uiterlijk) 4 weken ontvangt u per post een schriftelijk besluit van de inspectie.

Wat gebeurt er als een instelling geen uitstel krijgt?

Is er geen sprake zijn van een overmachtsituatie? Of wordt een verzoek tot uitstel afgewezen? Dan geldt het volgende. U ontvangt na 1 juni een voornemen ‘last onder dwangsom’. Dit gaat om een waarschuwing, waarna u nog 4 weken de tijd heeft om de stukken alsnog elektronisch te deponeren. Pas daarna legt de inspectie de last onder dwangsom zelf op. Worden de stukken dus binnen deze termijn elektronisch gedeponeerd, dan zijn er geen gevolgen.

Last onder dwangsom


Wat is een voornemen 'last onder dwangsom'?

Een voornemen ‘last onder dwangsom’ is een brief van de inspectie waarin het voornemen staat de instelling een dwangsom op te leggen. Deze brief geldt als waarschuwing. Wanneer de instelling binnen 4 weken alsnog de jaarverantwoording deponeert, heeft dat geen verdere gevolgen.

Wanneer het voor een instelling feitelijk onmogelijk is om de vereiste stukken aan te leveren, kan zij binnen deze periode ook haar zienswijze aan de inspectie kenbaar maken. Op basis hiervan kan de inspectie in uitzonderlijke situaties besluiten geen last onder dwangsom op te leggen.

Wanneer ontvangt een instelling een last onder dwangsom?

Heeft het CIBG 4 weken na het versturen van het voornemen last onder dwangsom nog geen (volledige) stukken voor de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd ontvangen? Dan brengt het CIBG de inspectie hiervan op de hoogte en stuurt de inspectie een brief met een last onder dwangsom aan de bestuurder van de instelling.

De instelling heeft vanaf dat moment nogmaals 4 weken de tijd om aan haar verplichtingen te voldoen. Na 4 weken begint een termijn van maximaal 10 weken te lopen. Voor iedere week dat de instelling niet aan haar verplichtingen heeft voldaan wordt een last opgelegd.

  • Bij het nalaten van de volledige Jaarverantwoording Zorg en Jeugd: €1.000,- per week. Het maximum is €10.000,-.
  • Bij het nalaten van een beperkte (tot en met verslagjaar 2016 nog van toepassing) of vereenvoudigde verantwoording: € 500,- per week. Het maximum is €5.000,-.

Na afloop van de termijn van 10 weken wordt met een invorderingsbesluit de last geïncasseerd.

Wanneer na de invorderingsbeschikking de jaarverantwoording nog steeds niet is gedeponeerd, kan de inspectie opnieuw een last onder dwangsom opleggen. Dat begint weer met een voornemen last onder dwangsom.

Bezwaar maken

Hoe kan een instelling bezwaar maken tegen een besluit van de inspectie?

Wanneer de inspectie een verzoek niet honoreert, kunt u een bezwaar indienen. Dit kan op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt 6 weken. De termijn vangt aan met ingang van de dag na de dagtekening van het besluit. Uw bezwaar schort de werking van het besluit niet op. Dit is overeenkomstig artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht.

Het bezwaarschrift wordt ondertekend door de indiener en bevat:

  • de naam en het adres van de indiener;
  • de dagtekening;
  • een omschrijving van het bestreden besluit, bijvoorbeeld door vermelding van het zaaknummer, briefkenmerk en datum of door bijvoeging van een kopie van het besluit;
  • de gronden van het bezwaar.

U kunt het bezwaarschrift sturen naar het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, t.a.v. Directie Wetgeving en Juridische Zaken, Postbus 20350, 2500 EJ Den Haag. U kunt er ook voor kiezen uw bezwaarschrift te e-mailen naar WJZ.bezwaarenberoep@minvws.nl, of te faxen via 070-3405984.

Wat houdt een ‘reminder’ van het CIBG in?

Een reminder betekent dat u eraan wordt herinnerd dat uw instelling nog niet (volledig) heeft voldaan aan alle verplichtingen van de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd. Deze worden voor 1 juni per e-mail verstuurd (meestal 2: derde week april en derde week mei).  Daar zijn verschillende oorzaken voor mogelijk:

  1. De instelling heeft in het geheel nog niet aan de elektronische Jaarverantwoording Zorg en Jeugd voldaan.
  2. Een of meer van de in te dienen stukken Jaarverantwoording Zorg en Jeugd ontbreekt.

Meer over de precieze verplichtingen leest u op de website van de Jaarverantwoording Zorg.

Wat is het verschil tussen dwangsom en boete?

Zowel bij een dwangsom als bij een boete is een geldbedrag verschuldigd, maar het is niet hetzelfde. Een dwangsom is bedoeld om onrecht te herstellen, en alsnog te zorgen dat aan de verplichtingen wordt voldaan. Een boete is bedoeld om leed toe te voegen. Bijvoorbeeld om iemand extra te laten voelen dat iets niet de bedoeling is. Let wel: is de dwangsom eenmaal verbeurd? Dan staat deze wel vast en moet in beginsel betaald worden. Dat geldt ook als u daarna alsnog de Jaarverantwoording Zorg en Jeugd deponeert.

Meer informatie

Neem voor vragen contact op met het Meldpunt IGJ. De inspectie ziet uitsluitend toe en handhaaft op het niet of niet tijdig indienen van de Jaarverantwoording Zorg. Uw vragen hierover kunt u aan ons richten. Over problemen met het systeem DigiMV of e-herkenning en vragen over het aanleveren/deponeren van de Jaarverantwoording Zorg, kan zij geen vragen beantwoorden. Hiervoor kunt u contact opnemen met het CIBG. Gebruik hiervoor de volgende contactgegevens: