Toetsingskader geestelijke gezondheidszorg

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd ziet toe op de naleving van wet- en regelgeving en veldnormen. Om transparant te zijn over wat de inspectie toetst, maakt de inspectie toetsingskaders voor onderdelen van de gezondheidszorg, zoals de geestelijke gezondheidszorg (ggz). Een toetsingskader bestaat uit een aantal normen met de daarbij horende toetsingscriteria. Deze zijn gebaseerd op wet- en regelgeving en veldnormen die beroepsorganisaties en branchepartijen van zorgverleners hebben opgesteld.

De inspectie stimuleert en agendeert de naleving van deze normen, naast het handhaven conform het interventiebeleid van de inspectie. De inspectie ‘toetst’ een vastgestelde norm, waar de inspectie wettelijk toezicht op houdt en/of geïmplementeerde veldnorm. Daarnaast vindt zij ‘van belang’ een nog niet geheel geïmplementeerde veldnorm en stimuleert aanbieders deze na te leven.  

Het toetsingskader is toepasbaar binnen zowel grotere als kleinere instellingen, zowel klinisch als ambulant, maar niet voor individuele beroepsbeoefenaren en voor jeugdhulpaanbieders. Het toetsingskader voor de ggz is een algemeen toetsingskader en kent drie thema’s:

Per thema is een aantal normen beschreven. De selectie van de normen is gedaan op basis van de toetsingskaders verpleging en verzorging en gehandicaptenzorg van de inspectie, de kerninstrumenten voor de ggz en de normen die de betrokken beroepsgroepen, brancheorga nisatie(s) en cliënt vertegenwoordigers belangrijk vinden. De inspectie actualiseert het toetsingskader ggz periodiek.    

Inspecteurs beoordelen deze thema’s altijd tijdens een onderzoek. Of ze ook andere onderdelen van de zorg beoordelen of meer op een onderdeel binnen een thema in willen gaan, is afhankelijk van de situatie. Hiervoor kunnen ze een verdiepende toetsingskader gebruiken, bijvoorbeeld over suïcide of medicatieveiligheid. Naast dit toetsingskader ggz zijn er ook onder andere toetsingskaders zoals het toetsingskader Wvggz, toetsingskader Wlz ggz en Ambulante ggz (TAG).  

Met het openbaar maken van dit toetsingskader wil de inspectie bijdragen aan:

  • het stimuleren van goede zorg en zorgaanbieders aansporen tot verbeteringen;
  • transparantie over werkwijze inspectie;
  • het informeren van zorgaanbieders en cliënten, zorgverzekeraars en de maatschappij over de uitkomsten van haar toezicht.