Op 11 december heeft de minister van VWS het Werkplan 2026 van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) naar de Tweede Kamer gestuurd. Hierin staan de onderwerpen waaraan de inspectie prioriteit geeft. Daarnaast werkt de IGJ met een jaarthema. In 2026 is dit ‘inzet van technologische innovatie.’

Passend toezicht

Net als andere overheidspartijen ondersteunt, volgt en stimuleert de IGJ de transformatie. Als toezichthouder doet zij dat door haar aanpak af te stemmen op de veranderende werkelijkheid, te kijken naar samenwerkingsverbanden, met partijen in gesprek te gaan, ruimte te geven om zorg anders in te richten en door haar eigen toezichtlast te beperken waar dat kan.

Inspecteur-generaal Marina Eckenhausen: 'Oog blijven hebben voor mensen is wat mij betreft de rode draad. Passende zorg gaat tenslotte om de beweging van ‘zorgen vóór mensen’ naar ‘zorgen mét mensen’. En ze meenemen in de verandering. In de praktijk zie ik mooie voorbeelden van anders denken en anders doen.'

Prioriteiten

Eckenhausen: 'Ook in het toezicht maken we keuzes vanuit het menselijke perspectief. In 2026 hebben we extra aandacht voor twee groepen waarvoor we uitdagingen zien: mensen met psychische problematiek in een sector onder druk en kwetsbare ouderen die langer thuis wonen en meer zorg en ondersteuning nodig hebben.'

Behalve aan de 2 doelgroepen geeft de IGJ in 2026 prioriteit aan differentiatie van het toezicht, samenwerken aan de zorg, samen beslissen over de zorg, richtlijnen voor passende zorg en vermindering van de regeldruk.

Jaarthema 2026: Inzet van technologische innovatie

Uit de prioriteiten kiest de IGJ een jaarthema, dat zij nog meer aandacht geeft. Het jaarthema voor 2026 is onderdeel van de beweging naar passende zorg: de inzet van technologische innovaties. Die innovaties kunnen zorgmedewerkers ondersteunen en ontlasten, de toegang tot zorg vergroten en de zorgvraag verminderen. Oog hebben voor mensen is ook hier belangrijk. Want naast de kansen, zijn er risico’s. Sluiten innovaties wel voldoende aan bij de behoeften van patiënten? En is iedereen digitaal geletterd genoeg om de toepassingen te kunnen gebruiken?