Als professional kunt u gevoelens krijgen voor een cliënt. Dat kan gebeuren. Gevoelens zijn niet het probleem. Het gaat erom hoe u ermee omgaat als professional. Lees hoe u professionele grenzen bewaakt, wanneer u hulp of advies kunt vragen en wat u kunt doen als u merkt dat de grens dreigt te verschuiven.
Kunnen gevoelens voor een cliënt ontstaan?
In een (intensieve) zorg- of hulpverleningsrelatie kan sterke betrokkenheid ontstaan.. Soms ontstaan daarbij vriendschappelijke gevoelens, verliefdheid of seksuele aantrekkingskracht.
Dat kan gebeuren. Het betekent nog niet dat u iets verkeerd doet. Als professional blijft het belangrijk om de grenzen van de zorgrelatie te bewaken en rekening te houden met de afhankelijkheid van de cliënt. U bent verantwoordelijk voor een professionele en veilige zorgrelatie.
Mag ik een relatie hebben met een cliënt?
Een liefdes- of seksuele relatie of seksueel contact met een cliënt is niet toegestaan.
Dit geldt ook:
- als de cliënt de gevoelens beantwoordt
- als de cliënt zelf contact zoekt
- als u allebei verliefd bent
- als de zorg- of hulpverleningsrelatie is beëindigd, maar de afkoelingsperiode nog loopt
De zorgrelatie is niet gelijkwaardig. De cliënt is voor zorg, begeleiding of hulp afhankelijk van u. Daarom ligt de verantwoordelijkheid voor het bewaken van de professionele grens bij u als professional.
Wat doe ik als ik gevoelens heb voor een cliënt?
Gevoelens voor een cliënt kunnen ontstaan. Dat betekent niet dat u iets verkeerd doet. Als professional bent u verantwoordelijk voor het bewaken van de professionele grenzen en houdt u rekening met de afhankelijkheidsrelatie van de cliënt. Ook als gevoelens wederzijds zijn, blijft die verantwoordelijkheid bij u.
Wat kunt u doen?
Het is belangrijk om gevoelens voor een cliënt op tijd serieus te nemen en te voorkomen dat ze invloed krijgen op de zorgrelatie. Hieronder leest u welke stappen u kunt zetten om professionele afstand te bewaren en de cliënt te beschermen.
Het kan moeilijk zijn om over uw gevoelens te praten. Toch is het belangrijk om dit niet alleen te proberen op te lossen. Bespreek uw gevoelens zo vroeg mogelijk met iemand die professioneel met u kan meedenken, bijvoorbeeld een collega, leidinggevende, supervisor of vertrouwenspersoon.
U kunt ook advies vragen bij uw beroepsvereniging. Bespreek de situatie bij voorkeur voordat uw gevoelens invloed krijgen op uw handelen of de zorgrelatie.
Let op signalen dat de professionele afstand kleiner wordt. Bijvoorbeeld als u:
- steeds vaker aan een cliënt denkt
- extra of privécontact zoekt
- uitzonderingen maakt voor één cliënt
- contact zoekt via sociale media
- persoonlijke of seksuele gesprekken voert die niet bij de zorg passen
Neem bij zulke signalen maatregelen en bespreek de situatie met iemand die u vertrouwt.
Lukt het niet om voldoende professionele afstand te houden? Of merkt u dat uw gevoelens invloed hebben op de zorg of begeleiding? Bespreek dan of overdracht van de cliënt aan een collega nodig is.
Ook bij overdracht blijft u verantwoordelijk voor een zorgvuldige beëindiging van uw rol en voor de continuïteit en veiligheid van de zorg.
Als uw gevoelens voor een cliënt zo sterk zijn dat u de professionele afstand niet meer goed kunt bewaken, kan het nodig zijn de zorgrelatie te beëindigen. Zorg vervolgens voor een afkoelingsperiode waarin u afstand houdt van de cliënt.
De duur van de afkoelingsperiode kan verschillen. Dit hangt bijvoorbeeld af van de duur en intensiteit van de zorgrelatie en van de regels van uw beroepsgroep of organisatie. Twijfelt u wat in uw situatie geldt? Vraag dan onafhankelijk en professioneel advies.
Wat als ik bedoeld of onbedoeld over een grens van een cliënt ben gegaan?
Als er toch sprake is geweest van seksueel grensoverschrijdend gedrag, handel dan direct en zorgvuldig:
• stop het gedrag;
• zorg dat de cliënt zo nodig door een andere professional wordt begeleid;
• bespreek de situatie met uw leidinggevende of een andere deskundige;
• vraag advies over de vervolgstappen.
Snel handelen kan verdere schade voor de cliënt helpen voorkomen.
Er is een melding gedaan. Wat nu?
Een melding van seksueel grensoverschrijdend gedrag kan ingrijpend zijn. Uw werkgever of organisatie kan uw eerste aanspreekpunt zijn voor begeleiding. Afhankelijk van de situatie kunnen ook andere partijen betrokken worden, zoals de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, politie, een beroepsorganisatie of het tuchtcollege.
Zoek tijdens dit proces steun bij iemand die u vertrouwt. Als u behoefte heeft aan juridisch advies, kunt u daarvoor ook professionele hulp zoeken.
Uw verantwoordelijkheid richting de cliënt
Als zorgverlener bent u verantwoordelijk voor een professionele en veilige zorgrelatie. De cliënt is afhankelijk van uw zorg en moet erop kunnen vertrouwen dat u professionele grenzen bewaakt. Ook als u gevoelens heeft voor een cliënt hebt, blijft die verantwoordelijkheid bij u liggen.