Wijziging exportvergunning persoonlijke beschermingsmiddelen gezondheidszorg

Bij het vanuit Nederland exporteren van persoonlijke beschermingsmiddelen naar landen buiten de EU, is een exportvergunning verplicht. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) is aangewezen als bevoegde autoriteit om op de vergunningaanvragen te beslissen.

Let op: deze informatie is geactualiseerd op 26 mei 2020 in het bericht Exportvergunning persoonlijke beschermingsmiddelen gezondheidszorg niet meer nodig.

Per 26 april wordt de vergunningplicht met 30 dagen verlengd. De vergunningplicht geldt vanaf 26 april voor een beperkter aantal persoonlijke beschermingsmiddelen. Zie daarvoor: EU-Uitvoeringsverordening. Het gaat om:

  • beschermende brillen en vizieren
  • mond- en neusbeschermingsmiddelen
  • beschermende kleding

Uitvoer naar verschillende derde landen is uitgezonderd van de vergunningplicht. Het gaat onder meer om het Caribisch deel van het Koninkrijk, landen van de Westelijke Balkan (Albanië, Bosnië-Herzegovina, Kosovo, Montenegro, Noord-Macedonië en Servië) en de EVA-landen (IJsland, Liechtenstein, Noorwegen, Zwitserland). Zie voor de overige landen en gebieden de uitvoeringsverordening.

Nu er een tekort aan persoonlijke beschermingsmiddelen is, zal de inspectie in beginsel geen exportvergunning afgeven voor uitvoer van deze beschermingsmiddelen. Wel worden bijvoorbeeld vergunningen afgegeven voor levering van noodhulp in het kader van humanitaire hulp.

Procedure

De aanvraagprocedure is ongewijzigd. De inspectie IGJ werkt samen met de Centrale Dienst In- en Uitvoer (CDIU), onderdeel van de Douane. Aanvragen voor exportvergunningen kunnen bij de CDIU worden ingediend, per mail naar douane.dgr.cdiu.pbm@belastingdienst.nl. Het formulier staat hieronder.

Binnen vijf werkdagen volgt een beslissing. In geval van noodhulpzendingen in het kader van humanitaire hulp volgt binnen twee werkdagen een beslissing.

Meer informatie: