Programma en onderzoeken

Alle wetenschappelijke onderzoeken die bij de IGJ worden uitgevoerd zijn gericht op één of meer van de vier overkoepelende fases van toezicht:

  1. De setting verkennen: Waar zijn we?
  2. Data vergaren: Hoe blijft de inspectie op de hoogte van wat er gebeurt?
  3. Data duiden: Wat betekent de informatie die de inspectie krijgt?
  4. Actie: Hoe kan de IGJ de setting positief beïnvloeden?

Met behulp van onderzoek op het gebied van deze vier fases wil de IGJ leren hoe zij haar toezicht op de beste manier kan inzetten, zodat de IGJ optimaal bijdraagt aan de kwaliteit van zorg en jeugdhulp in Nederland.

Hieronder lees je meer over de vier fases en wat voor soort onderzoek daarbij hoort.

1. De setting verkennen

Waar zijn we?

Dit is de eerste fase van ons toezicht. IGJ weet nog te weinig om te kunnen handelen, soms niet eens of toezicht nodig is. We willen een indruk krijgen van dingen als:

  • welke zorgaanbieders er zijn?
  • hoe zijn ze georganiseerd?
  •  welke factoren zijn op hen van invloed? op hen uitoefenen?
  • en  vooral waar kunnen risico’s voor patiënten optreden?
    >Meer informatie over de onderzoeken

2. Data vergaren

Hoe blijft de inspectie op de hoogte van wat er gebeurt?

IGJ kan als toezichthouder niet overal bij zijn. Dat willen we ook niet, want dan zou de inspectie zorgverleners in de weg lopen en daar zijn patiënten niet bij gebaat. Daarom zoeken we naar manieren waarmee we ook op afstand vinger aan de pols kunnen houden. De vraag is: 'Welke informatie heeft IGJ nodig om erop te kunnen toezien dat patiënten en cliënten goede zorg krijgen?'

Een belangrijke bron van informatie voor de inspectie zijn betrokken mensen. Juist betrokken mensen kunnen de inspectie veel vertellen over de kwaliteit van de zorg en signalen geven over waar het misgaat in de zorg. IGJ heeft in de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar welke informatie van betrokken mensen voor de inspectie belangrijk is en hoe we deze informatie kunnen verzamelen.
> Meer informatie over de onderzoeken

3. Data duiden

Wat betekent de informatie die de inspectie krijgt?
 

Om goed toezicht te houden is voor ons belangrijk om de informatie die we krijgen te begrijpen. Soms is dat eenvoudig, maar vaak is het ingewikkeld. Omdat je er op meerdere manieren naar kan kijken en meerdere betekenissen aan kan geven.

Bijvoorbeeld: is een hoog aantal incidentmeldingen een signaal voor onveilige zorg of een signaal voor een open meldcultuur? De vraag is: 'Hoe kan IGJ ‘ruis van signaal’ onderscheiden?' én 'Hoe kan IGJ met de beschikbare informatie tot een juiste afweging komen over mogelijke risico’s voor de kwaliteit van zorg?'.
> Meer informatie over de onderzoeken                                                

4. Actie

Hoe kan de IGJ de setting positief beïnvloeden?

Als toezichthouder heeft IGJ invloed op de omgeving waar haar toezicht zich op richt. We hebben verschillende mogelijkheden om het gedrag van zorgaanbieders te veranderen. Van informeel tot wettelijk, met als doel het verbeteren van de kwaliteit van zorg. IGJ moet slim zijn door met beperkte middelen (geld en personeel) een zo groot mogelijk effect te behalen, met daarbij zo min mogelijk belasting van de zorgaanbieders. Energie die we in toezicht steken, steken we niet in patiëntenzorg.

We weten dat een hoge druk van buiten negatief kan werken op de intrinsieke motivatie. Als iets moet van een ander, heb je er minder zin in. Het is voor de inspectie een uitdaging om in elke situatie de juiste balans te vinden tussen deze factoren. En om zodanig te handelen dat de kwaliteit van zorg daadwerkelijk en duurzaam verbetert.
>Meer informatie over de onderzoeken