Niet-GGD teststraten

Er zijn steeds meer nieuwe aanbieders onder de testlocaties. Iedereen mag een eigen testlocatie openen, mits wordt voldaan aan de geldende wet- en regelgeving. Het ministerie van VWS heeft uitgangspunten gepubliceerd. De inspectie houdt toezicht op de kwaliteit en veiligheid van de verleende zorg. Bij de testlocatie moet een arts betrokken zijn voor de medisch inhoudelijke zaken.

Er zijn veel zaken die belangrijk zijn voor de kwaliteit en veiligheid van een testlocatie. De testen die gebruikt worden, moeten CE-gemarkeerd zijn en gevalideerd voor het testen op COVID-19. Het personeel op de locatie moet goed geschoold en bekwaam zijn. Op de locatie komen mensen zich laten testen op een gevaarlijke ziekte, dus er moet veel aandacht zijn voor de hygiëne en persoonlijke bescherming: zowel voor degene die getest wordt als van de medewerkers. En uiteraard moet ervoor gezorgd worden dat de resultaten van de test kloppen, door goed gebruik van de test en goede logistiek rondom het afnemen en uitlezen.

Dit zijn allemaal punten waar de inspectie op let. Dat doet de inspectie door alle nieuwe aanbieders een brief te sturen met informatie over regelgeving. Daarbij stellen wij hen ook een aantal vragen om een indruk te krijgen van omvang en deskundigheid binnen de testlocatie. Inspecteurs voeren steekproefsgewijs onderzoek uit bij testlocaties. Zo krijgt de IGJ een beeld van de mogelijke risico’s die er zijn bij de teststraten buiten de GGD.

Meldingen

De inspectie heeft sinds het uitbreken van de coronacrisis in maart, tot november 2020 zo’n 200 meldingen ontvangen die te maken hebben met testen op COVID-19, zowel de producten als de teststraten. Als de inspectie contact opnam met de aanbieder en de regels uitlegde, leidde dat er in verreweg de meeste gevallen al toe dat een product van de markt werd gehaald of werden er werkprocessen aangepast om ze beter te laten voldoen aan geldende regels. De zorg wordt daarmee veiliger.