Meer dan de helft van de tandartspraktijken is een praktijk waar één tandarts werkt (solopraktijk). Steeds meer grote tandartsketens kopen de solopraktijken op. Deze ketens hebben meer stoelen en werken vaak met een verdeling van taken.

De grote tandartspraktijken kunnen per dag meer patiënten behandelen dan een solopraktijk. Dit kan bijvoorbeeld door een handiger verdeling van het werk en ruimere openingstijden. Hierbij is het belangrijk dat de sector zich inzet voor bevordering van kwaliteit en deskundigheid. Dit gaat nog niet altijd goed.

In het toezicht zien wij:

  • Dat zogenoemde voorbehouden en risicovolle handelingen worden gedaan door tandartsen die dit niet mogen doen. Of ze doen dit niet goed. Ook volgen ze niet altijd de regels op van taakverdeling.
  • De gegevens worden niet altijd goed bijgehouden.
  • De tandartsen doen te weinig mee aan visitatie en na- en bijscholing door de beroepsgroepen. Dit is voor zorgverleners in de mondzorg niet verplicht, maar voor de meeste andere zorgverleners wel.
  • Er is geen bijgewerkt register van mondhygiënisten, tandprothetici en preventie-assistentes met de verplichting van herregistratie en na- en bijscholing. Mondhygiënisten hebben geen (BIG- of privaat)register waarin je kunt zien of je echt met een mondhygiënist te maken hebt. Ook aanmelding bij het Kwaliteitsregister Mondhygiënisten (KRM) is vrijwillig.
  • Er is geen aanpak voor doorhaling uit het register als deze zorgverleners hun werk slecht doen. Bij doorhaling raakt de mondhygiënist zijn titel kwijt en mag hij het beroep niet langer onder die beschermde beroepstitel uitoefenen. Zo kan het gebeuren dat een mondhygiënist die zijn werk niet goed doet, niet tuchtrechtelijk aan te spreken is. De zorgverlener kan zijn KRM-registratie verliezen, maar nooit de opleidingstitel Mondhygiënist. De patiënt kan dus niet ontdekken wat de situatie van zorgverlener is.

Ook ziet de inspectie dat de beroepsgroepen in de mondzorg verschillend denken over de gewenste ontwikkelingen voor de kwaliteit. Een belangrijke taak voor deze beroepsgroepen is het ontwikkelen van standaarden en richtlijnen.

Aandachtspunten

Wij gaan uit van gezond vertrouwen in de aanbieders van mondzorg, maar nemen maatregelen als dat nodig is. We willen de ontwikkeling van kwaliteit en de bevordering van deskundigheid vanuit de beroepsgroep versnellen. Bijvoorbeeld door:

  • Duidelijke standaarden vast te stellen en richtlijnen voor risicovolle handelingen. Bekwaamheid en opleidingsniveau van zorgverleners in de mondzorg moet duidelijk zijn.
  • Regels vast te stellen voor bij- en nascholing voor alle zorgverleners in de mondzorg.
  • Afspraken te maken over regelmatige visitaties vanuit de beroepsgroep.

We moeten in Nederland kunnen vertrouwen op goede mondzorg.

Wat doet de inspectie de komende tijd?

De inspectie overlegt met de koepelorganisaties en moedigt deze aan om kwaliteitssystemen voor de beroepsgroep te maken. We bespreken de verplichte ontwikkeling van standaarden en richtlijnen, opleiding, nascholing en visitatie. We richten ons in de eerste plaats op de bekwaamheid bij uitvoering van risicovolle handelingen.
Totdat de beroepsgroep zelf met goede kwaliteitscriteria komt, zal de inspectie zelf steviger handhaven op bestaande standaarden uit opleidingsplannen.