Om de verpleeghuiszorg in beeld te krijgen heeft IGJ de resultaten van de bezoeken op een rijtje gezet. Hierbij zijn een aantal methodologische keuzes gemaakt die we hier willen toelichten.

Allereerst zijn alleen eerste bezoeken in de analyse meegenomen, die met het ‘toetsingskader voor zorgaanbieders waar mensen wonen die langdurige zorg nodig hebben’ of met de ‘verkorte versie van het toetsingskader voor instellingen waar mensen verblijven die niet thuis kunnen wonen' zijn afgenomen en waarvan een rapport op onze website staat. 

IGJ legt regelmatig ook andere typen bezoeken af bij verpleeghuizen, zoals thema-bezoeken in het kader van mondzorg of infectiepreventie. Deze bezoeken zijn niet meegenomen. Ook hertoetsen zijn niet meegenomen, omdat hierbij niet alle normen worden getoetst, maar alleen die normen die bij een eerder bezoek niet voldoende zijn bevonden.

Bij een zorgorganisatie met meer dan tien locaties, bezoekt IGJ meerdere locaties van deze zorgorganisatie om een beeld te krijgen. In zo’n geval zijn de scores van alle bezoeken van die ene organisatie meegenomen. Dit is echter maar enkele keren voorgekomen.

Bij sommige bezoeken zijn één of enkele normen niet getoetst, bijvoorbeeld omdat er niet genoeg feitelijke onderbouwing voor een bevinding is gevonden. Het kan dus zijn dat de scores op de normen niet alle 300 zorgorganisaties betreffen. De cirkeldiagrammen geven de verdeling weer van de scores op de getoetste normen. Dit verschilt dus per norm. 

Er zijn alleen normen geanalyseerd die in beide toetsingskaders voorkomen. Er is nog een overlappend thema, namelijk medicatieveiligheid. Omdat dit thema geen standaard onderdeel is bij een eerste toets van het toetsingskader ‘voor zorgaanbieders waar mensen wonen die langdurige zorg nodig hebben’, is medicatieveiligheid niet geanalyseerd.

De percentages zijn afgerond op 1 decimaal. Daardoor kan het voorkomen dat de percentages op een norm niet optellen tot 100%, maar tot 99,9%.