weblogberichten

De weg naar kwaliteit vraagt soms om een rode pen

Wat betekent het voor een zorgaanbieder om onder toezicht te staan van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ)? Roland Stavorinus, regiodirecteur zorg bij ‘s Heeren Loo regio Zeeland, zet zijn ervaringen op papier. Senior-inspecteur Carla Cornuit plaatst het verhaal van de inspectie ernaast. Twee verschillende ervaringen, één doel: het verbeteren van de kwaliteit en veiligheid van zorg.

Roland Stavorinus
Roland Stavorinus

Regiodirecteur Roland Stavorinus: Ik voel het nog, wanneer ik er aan terug denk. Het zal zo rond 1973 zijn. Ik ben brugklasser en mijn vader nestelt zich naast me. Ik geef hem mijn opstel dat ik ga inleveren op school. Hij pakt het papier en begint te lezen. Een pen met rode inkt in zijn hand. Binnen tien seconden is de eerste haal geplaatst en een paar seconden later de tweede. Mijn bloed stijgt, mijn spieren verstrakken. Ik wil wegkruipen, maar wordt pas bevrijd wanneer de volledige correctie heeft plaats gevonden. Een blad vol aantekeningen en correcties.

Precies dat gevoel bekroop me in maart 2019 toen een afvaardiging van het management van ’s Heeren Loo Zeeland, toen nog Arduin, richting Utrecht ging. We gingen op bezoek bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. ’s Heeren Loo was net betrokken bij Arduin en ik was net een paar weken betrokken als directeur. Hoewel we, misschien naïef, dachten dat we met een goed gesprek en het laten zien van goede bedoelingen weer weg zouden gaan. Misschien met een stevige aanmoediging. Wat we niet hadden uitgesproken, maar wel hadden gevreesd, gebeurde.

Carla Cornuit
Carla Cornuit

Inspecteur Carla Cornuit: Arduin in Zeeland eiste voortdurend mijn aandacht op. Mijn gedachten lieten zich niet stoppen. Er lag een continuïteitsplan waarin stond hoe de zorg in 2025 verbeterd is. Maar ook in de vijf jaar tot aan 2025 moeten cliënten toch rekenen op goede en veilige zorg? Is daar wel voldoende oog voor? Draait het niet alleen om de continuïteit van de zorgaanbieder, maar is ook de kwaliteit van (veilig) leven van cliënten voldoende speerpunt binnen de nieuwe aanpak? Mijn rode pen kleurde het continuïteitsplan. Kan ’s Heeren Loo deze klus wel klaren? Als inspecteur voelde ik me een jongleur. Het gesprek bereidde ik voor met het voornemen: waarderend voor de relatie maar duidelijk  in de boodschap.

Roland Stavorinus: Ze gingen er eens goed voor zitten, de senior-inspecteurs. Ze stelden niet eens een vraag maar openden het gesprek. Keurig netjes, de woorden zorgvuldig gekozen. Maar de zinnen dreunden binnen als de rode pen van mijn vader. Ze stelden drie eisen en een deadline, en we deden er alles aan om de toon te verzachten, maar de inhoud bleef hetzelfde. Niet goed dus. Ik voelde me weer dertien en mijn lotgenoten zullen eenzelfde soort lichamelijke of psychische reactie hebben gehad.

Carla Cornuit: Gedurende het gesprek hield ik me aan mijn voornemen. De inspectie wilde dat Arduin voor eind juni de risico’s in kaart bracht en (tussen)maatregelen zou nemen om de risico’s te verminderen. Ik voelde de weerstand en dat snapte ik.  Immers, de keuzes en planning van Arduin vroegen daarmee bijstelling. En dat was een forse uitdaging.

Keihard werken

Roland Stavorinus: Binnen de organisatie werd keihard gewerkt. We wilden voldoen aan de verwachtingen. Na enige verwerkingstijd waren dat niet alleen de verwachtingen van de inspectie, maar ook de verwachtingen van onszelf, van begeleiders, persoonlijk begeleiders, gedragswetenschappers, staf en managers. We rapporteerden en lieten vorderingen zien. Vijf keer kwam de inspectie richting Zeeland om de actuele situatie in een woonlocaties te bekijken. Onze begeleiders te toetsen op hun professionele werk. Ze zagen verbeteringen en we voelden een verlichting van de druk.

We vroegen of we het ook konden hebben over de dilemma ’s die we tegen kwamen in het werken aan onze gemeenschappelijke verwachtingen en doelstellingen. Dat mochten we. Sterker, dit was het moment dat we ons steeds serieuzer genomen voelden en steeds meer gewaardeerd. Het moment waarschijnlijk dat de inspectie zag dat we echt aan het verbeteren waren. Niet omdat we een voldoende wilden hebben op ons rapport, maar omdat we het idee kregen dat we ‘voor vol’ werden aangezien.

Carla Cornuit: Per kwartaal bezocht de inspectie met steeds een wisselende inspecteur en ik als vaste inspecteur, een van de locaties van ’s Heeren Loo regio Zeeland. Ook voerden we per kwartaal een voortgangsgesprek met de raad van bestuur en verantwoordelijken voor de regio Zeeland. De bezoeken aan Zeeland en de kwartaalgesprekken brachten een kentering in het oordeel over deze zorgaanbieder. Het harde werken, de duidelijke koers, het echt horen van cliënten én medewerkers stelde ’s Heeren Loo in staat verbeteringen breed door te voeren én oog te blijven houden voor wat nog te doen stond.

Hersteld vertrouwen

Roland Stavorinus: Eind januari 2020, na ongeveer tien maanden hard werken, met een aantal locatiebezoeken waar de inspecteurs vol lof vandaan kwamen, kregen we te horen dat ze alle vertrouwen hebben in de organisatie. In de begeleiders, de gedragswetenschappers, de toenemende professionaliteit en de beloftes om te werken aan een goed leven, mooi werk en een duurzame organisatie. Vertrouwen in de borging bij ’s Heeren Loo en in de directie. Ze deden dit in het bewustzijn dat er nog hard gewerkt moet worden, dat er nog steeds dingen niet goed gaan. Maar we konden het zelf. Ze wilden weer terug naar hun gewone inspectiewerk.

Carla Cornuit: In januari bespraken we binnen het team de voortgang van de bevindingen en namen we het besluit dat het verantwoord was het toezicht terug te brengen tot regulier toezicht.  Natuurlijk was er nog veel te doen, maar risico’s waren geslecht of in kaart en van aanvullende maatregelen voorzien.

Terugblik

Roland Stavorinus: Ondanks het vervelende gevoel en de vervelende start, rest er trots op ons allemaal en dank aan de inspectie, die, door een aantal verwachtingen (lees: eisen) op te dragen ons behoorlijk heeft doen groeien. Het voelde alsof mijn vader zijn pen neer legt en zegt: ‘Je hebt mij niet meer nodig.’

Carla Cornuit: Een traject als dit vraagt veel aan sturing, inspanning en denkwerk. De vraag wat werkt nu wanneer het beste, diende zich iedere keer opnieuw weer aan. Dat ’s Heeren Loo tijdens de evaluatie van het traject benoemde dat ze de gesprekken met de inspectie gingen missen, hielp mij het nut van de inspanning van de inspectie meer dan ooit ook echt te voelen. En nu…. de rode pen terug in de la, die lag immers al enkele maanden nutteloos op mijn bureau.

Wat was er aan de hand?

  • In 2017 wordt duidelijk dat Arduin, een zorgorganisatie die in Zeeland gehandicaptenzorg levert, serieuze problemen heeft.
     
  • De inspectie ziet bij een bezoek aan de locatie Aagtekerke, medio 2018,  ernstige risico’s voor de kwaliteit en veiligheid van zorg. Ingrijpen is noodzakelijk. De inspectie besluit te handhaven. Een intensief toezichtstraject volgt.
     
  • Ook zijn er bestuurlijk problemen en kampt Arduin met financiële moeilijkheden.
     
  • Het is belangrijk dat zorg aan mensen met een beperking doorgaat. Om die reden komt zorgaanbieder ’s Heeren Loo in beeld. ’s Heeren Loo is een grote organisatie die actief is in heel Nederland. Deze organisatie stelt kennis en menskracht aan Arduin ter beschikking. Vanaf mei 2019 gaat Arduin verder als de Zeeuwse regio van ’s Heeren Loo.
     
  • ’s Heeren Loo stelt met een aantal belanghebbende organisaties een continuïteitsplan op. Aan de hand hiervan wordt de kwaliteit zorg tot en met 2025 verbeterd. ’s Heeren Loo krijgt tot dan financiële ondersteuning.

Reactie toevoegen

U kunt hier een reactie plaatsen. Ongepaste reacties worden niet geplaatst. Uw reactie mag maximaal 2000 karakters tellen.

* verplichte velden

Uw reactie mag maximaal 2000 karakters lang zijn.

Reacties

  • Mooi om te lezen Roland. Goed werk samen

    Van: Ton Tönjes | 08-04-2020, 18:25

  • Chapeau voor allen 👍

    Van: Koos Vriend | 03-04-2020, 23:19

  • Mooi, Roland!

    Van: Ron Cornet | 31-03-2020, 23:09