weblogberichten

Over minder regeldruk, meer vertrouwen en goede zorg

De kwaliteitssystemen die de afgelopen 10 tot 15 jaar zijn ontwikkeld, met normen en richtlijnen van zorgverleners, hebben de zorg beter gemaakt. Tegelijk voelen we allemaal dat het schuurt. Het systeem kan kloppen, terwijl de kwaliteit toch te wensen overlaat. Protocollen waar metingen aan verbonden zijn schieten soms door.

Ronnie van Diemen

Bij professionele beroepsuitoefening hoort dat zorgverleners zich verantwoorden over de kwaliteit van hun zorgverlening en ook over de kosten daarvan. Helaas is hierbij te vaak uitgegaan van onvoldoende vertrouwen in elkaar. Dagelijks horen we van zorgverleners hoe het dan uit de hand kan lopen. Als inspectie hanteren wij de landelijke richtlijnen die door beroepsgroepen zelf zijn vastgesteld. De inspectie is dus niet direct verantwoordelijk voor de regeldruk, maar wij zien natuurlijk wel dat onze bezoeken en rapporten zorgverleners en zorginstellingen wel degelijk hebben aangezet tot extra controlelijsten.

Ongetwijfeld is sprake van een stapeleffect in registraties, die op verzoek van allerlei belanghebbenden worden opgelegd, zoals zorginstellingen zelf, zorgverzekeraars/ zorgkantoren, organisaties van zorgverleners en ook toezichthouders op uiteenlopend  gebied. Elke partij doet dat met de beste bedoelingen, maar wie bewaakt het totale effect daarvan op de zorg en de zorgverleners? Dat we hierin samen zijn doorgeschoten is duidelijk.

De inspectie wil bijdragen aan het gemeenschappelijke doel: minder regeldruk en meer tijd voor de cliënt/patiënt, meer kwaliteit van zorg, meer vertrouwen in het professioneel handelen van zorgverleners en in hun samenwerking in een open en veilig werkklimaat. Het bestrijden van bureaucratie is een voorwaarde om zorgverleners in staat te stellen tot persoonsgerichte en waardegedreven zorg te komen.

Voorwaarde voor minder regeldruk is dat zorgverleners hun professionele verantwoordelijkheid nemen en daarover verantwoording afleggen. Dat vraagt openheid en zelfreinigend vermogen. Het vraagt van zorgverleners dat zij zich open en kwetsbaar kunnen opstellen. Om de zorg te ontregelen moeten we terug naar wederzijds vertrouwen en het open gesprek. Deze lijn wordt nu gekozen in de kwaliteitskaders in de zorgsector. In excellerende instellingen staat kwaliteit van zorg bovenaan de agenda van elke bestuursvergadering en daaronder als tweede ‘hoe gaat het met onze medewerkers’.

Voor onze zorgverleners is de vraag relevant: wat is belangrijk voor u? Wat heeft u ervoor nodig om professioneel te kunnen handelen, zich te ontwikkelen, uw beperkingen te kunnen erkennen en u open en toetsbaar te durven opstellen? Hoe kunnen we u helpen? Dát leidt tot zorgverleners die zich elke dag weer realiseren waarom ze voor dat prachtige vak hebben gekozen. En het leidt tot goede, veilige en persoonsgerichte zorg. Zorg die je je eigen familie en naasten gunt.   

Ronnie van Diemen, Inspecteur-generaal Gezondheidzorg en Jeugd