© HH

Zorgsignalen tijdens de coronacrisis - 15 oktober

De inspectie heeft dagelijks contact met zorgverleners, producenten, leveranciers en andere zorgorganisaties over de effecten van het coronavirus op het werk in de zorg. Door dit contact hebben we een actueel beeld over de kwaliteit van zorg binnen de verschillende sectoren en over mogelijke problemen die deze zorg in de weg staan. Wij delen deze signalen actief met betrokken organisaties zoals brancheorganisaties en VWS. Hieronder kunt u deze signalen lezen. Ook kunt u zich via e-mail abonneren, zodat u de signalen elke keer in uw mailbox ontvangt.

Sneltesten nog niet voor het publiek

Er zijn nog geen sneltesten die iedereen zelf kan gebruiken om zich te testen op het coronavirus. Bij alle sneltesten die op de markt zijn, is betrokkenheid van een zorgprofessional wettelijk verplicht.

Er zijn verschillende typen commerciële sneltesten. De meest voorkomende zijn de antigeen-sneltesten en de antistof-sneltesten. Uiterlijk lijken ze sterk op elkaar, maar ze meten verschillende dingen. De uitslagen zeggen ook iets heel verschillends over de mogelijkheid of iemand de infectie kan overdragen.

  • De antigeen-sneltest toont in een neus-keel-uitstrijkje de aanwezigheid van het viruseiwit aan. Dus of iemand het coronavirus op dat moment bij zich draagt.
  • De antistof-sneltest laat met behulp van een druppel bloed zien of de geteste persoon een afweerreactie tegen het virus heeft ontwikkeld. Dus eerder in aanraking is geweest met het coronavirus.

De IGJ vindt het belangrijk dat aanbieders de verschillende sneltesten goed onderscheiden en de waarde ervan duidelijk maken. De inspectie versterkt het toezicht op coronatesten, zoals aangekondigd in het recente rapport over testen. Daarbij kijkt de inspectie ook of aanbieders de juiste informatie geven.

Personeelsproblemen

In de gehandicaptenzorg, verpleeghuizen, de thuiszorg en de geestelijke gezondheidszorg wordt de personele bezetting een steeds groter knelpunt. Zorgaanbieders hebben te maken met meer besmette personeelsleden en met personeel dat rond een coronatest (wachttijd voor en na de test en de tijd in quarantaine) thuis zit. Ook het ziekteverzuim in de instellingen neemt toe. Zorgaanbieders proberen de bezetting rond te krijgen door het uitbreiden van uren, het inzetten van flexkrachten en van personeel van andere locaties, van stafpersoneel met een zorgachtergrond of van zorgverleners van de dagbesteding op de woonlocatie. De oplossingen raken uitgeput, waardoor de continuïteit van de zorg steeds meer onder druk komt te staan. Zorgaanbieders overwegen steeds vaker om mogelijk besmette zorgverleners zonder klachten in te gaan zetten, voorzien van persoonlijke beschermingsmiddelen.

Door personeelsproblemen staan ook begeleide verloven in het gevangeniswezen, de vreemdelingenbewaring, de forensische zorg en in justitiële jeugdinrichtingen onder druk. Voor patiënten in forensisch-psychiatrische centra betekent dit dat begeleide verloven niet altijd door kunnen gaan. Dit levert teleurstelling of frustratie op.

Ziekenhuizen

De IGJ heeft geen signalen dat veilige zorg in de ziekenhuizen op dit moment in het geding is. Wel is de werkdruk zeer hoog door het grote aantal patiënten en door toenemend ziekteverzuim onder het personeel of uitval door tijdelijke quarantaine. Dit vormt zeker op termijn wel een risico voor kwaliteit en veiligheid van de zorg.

  • De IGJ heeft geen signalen dat de zorg niet toegankelijk is voor patiënten met een urgente zorgvraag. Echter, als de toestroom van corona(-verdachte)patiënten op het huidige niveau blijft of verder toeneemt, dreigt de spoedeisende eerste hulp over te lopen. Met presentatie- en opnamestops tot gevolg.
  • Alle ziekenhuizen hebben voorbereidingen getroffen voor de toestroom van patiënten in de tweede golf. Die komt echter te vroeg, waardoor een aantal maatregelen (vooral het werven en opleiden van personeel) nog maar ten dele is uitgevoerd. Ook verschilt de zorgvraag van patiënten en het ziekteverloop nu ten opzichte van de eerste golf. Meer patiënten blijven klinisch, minder patiënten hoeven naar de intensive care.
  • De uitval van zorgpersoneel door ziekte of tijdelijke quarantaine is vele malen groter dan tijdens de eerste golf.
  • In het hele land schalen ziekenhuizen de reguliere zorg af of ze treffen daar voorbereidingen voor. De feitelijke volksgezondheidsschade daarvan is nog niet bekend. Wel is duidelijk dat het afschalen van urgente en semi-urgente zorg en van diagnostiek en behandeling leidt tot meer patiënten met een zware ziektelast, en minder gunstige behandeluitkomsten (waaronder hogere sterfte).
  • De IGJ heeft geen signalen dat patiënten voor wie behandeling in het ziekenhuis niet zinvol of wenselijk is, toch instromen.
  • Ziekenhuizen intensiveren de samenwerking met andere zorginstellingen in hun regio. Toch stagneert de uitstroom van patiënten naar instellingen voor verpleging en verzorging. Ook hier lijkt uitval van zorgverleners een belangrijke oorzaak.   
  • Er waren signalen dat sommige ziekenhuizen hun vrije bedden niet volgens afspraak beschikbaar zouden stellen voor patiënten uit andere ziekenhuizen. De inspectie heeft dat geverifieerd: het blijkt niet te kloppen. Wel zorgt het verschil tussen ‘IC-min-bedden’ en ‘IC-plus-bedden’ soms voor onduidelijkheid. Dan kunnen aangeboden bedden toch niet altijd benut worden voor overplaatsingen. Daarnaast zien patiënten soms op het laatste moment af van overplaatsing.

Informatie aan medewerkers belangrijk

Veel zorgaanbieders zorgen voor zichtbaarheid en aanwezigheid van teammanagers op de werkvloer. Dat blijkt heel belangrijk voor de draagkracht en flexibiliteit van de medewerkers.

Informatievoorziening aan medewerkers gebeurt op allerlei creatieve manieren: met cartoons, ‘kletspot’ (kaartjes met informatie waar medewerkers in de ochtend over praten), een kleurensysteem dat aangeeft wanneer persoonlijke beschermingsmiddelen nodig zijn en uiteraard persoonlijk contact.