Zorgsignalen tijdens coronacrisis – 19 juni

De inspectie heeft dagelijks contact met zorgverleners, producenten, leveranciers en andere zorgorganisaties over de effecten van het coronavirus op het werk in de zorg. Door dit contact hebben we een actueel beeld over de kwaliteit van zorg binnen de verschillende sectoren en over mogelijke problemen die deze zorg in de weg staan. Wij delen deze signalen actief met betrokken organisaties zoals brancheorganisaties en VWS. Hieronder kunt u deze signalen lezen. Ook kunt u zich via e-mail abonneren, zodat u de signalen iedere week in uw mailbox ontvangt.

In deze editie:

De 1,5 meter-regel voor jongeren 13-18 jaar duidelijker communiceren

Onder jeugdhulpaanbieders bestaat onduidelijkheid over de 1,5 meter-regel voor jongeren in de leeftijdscategorie 13-18 jaar. Dit is ook van invloed op het wel of niet opstarten van de reguliere zorg. Op advies van het OMT is voor jongeren in de leeftijdscategorie 13-18 jaar die jeugdzorg, jeugd-ggz of (L)VB zorg ontvangen de 1,5 meter-regel verruimd. Deze uitzondering op de 1,5 meter-regel voor deze 13-18 jarigen staat niet genoemd op de (basis)website van de rijksoverheid en blijkt niet direct uit de Routekaart voor mensen met een kwetsbare gezondheid (19 mei 2020, Rijksoverheid). Dit zorgt voor verwarring over de 1,5 meter-regel in relatie tot 13-18 jarigen.

IGJ wil hier helderheid in creëren via de communicatie van de Rijksoverheid.

Het lukt nog niet om de reguliere zorg volledig op te starten

Na alle aandacht voor Covid-19 zorg is het belangrijk dat de reguliere zorg zoveel als nodig en mogelijk weer wordt opgestart. Deze overgang is complex, onder meer vanwege de beperkte belastbaarheid van zorgverleners. Sommige zorgverleners zijn zelf ziek geworden tijdens het verlenen van Covid-19 zorg. Een andere oorzaak van het achterblijven van reguliere zorg is dat minder patiënten zich melden, mogelijk uit angst besmet te worden met het virus. Ziekenhuizen werken hard aan het opstarten van deze zorg maar ondanks alle inspanningen staan er patiënten op wachtlijsten. Voor sommige patiënten is dit extra risicovol.

Het is daarom noodzakelijk om inzicht te hebben in de zorgbehoefte en de urgentie van de zorgvraag van individuele patiënten. Dat inzicht is ook nodig om de regionale samenwerking vorm te geven. De IGJ en de NZa werken samen om de opstart van de reguliere zorg maximaal te ondersteunen met het oog op kwaliteit, veiligheid en toegankelijkheid van zorg.

Thuiswonende ouderen aansporen om hulp te zoeken bij klachten

IGJ heeft thuiszorgaanbieders, FACT teams, koepelorganisaties en patiëntenorganisaties gebeld om een beeld te krijgen van kwetsbare thuiswonende ouderen. Hieruit blijkt dat er de nodige inspanningen worden verricht om patiënten weer naar het spreekuur van de huisarts en bijvoorbeeld de fysiotherapeut te krijgen, maar niet altijd succesvol. Huisartsen zijn soms wat voorzichtig naar patiënten. Soms overheerst bij cliënten nog het beeld van ‘kom niet naar de praktijk’. Professionals maken zich ook zorgen dat ouderen steeds meer voor zichzelf willen zorgen. Ouderen zelf zijn huiverig om te komen met hun klachten, onder andere omdat ze bang zijn om besmet te raken. Het blijft van belang dat mensen met klachten hulp krijgen. Beroepsverenigingen spannen zich hier ook voor in.

Het blijft van belang dat duidelijk wordt gecommuniceerd dat mensen met klachten hulp kunnen krijgen. Beroepsverenigingen spannen zich hier ook voor in. Daarnaast is van belang dat ouderen worden aangespoord om straks de griepprik te halen.

Impact COVID-19 blijft merkbaar in ggz-sector

De coronacrisis heeft nog steeds veel impact op de ggz. IGJ hoort over een toename van werkdruk door het toepassen van alle maatregelen en de inzet om alle patiënten te blijven bereiken. Het omzetten naar 1,5 meter-zorgverlening kost tijd en energie. Alle cliënten in beeld houden vraagt ook extra inspanning, bijvoorbeeld doordat er meer gebeld wordt. Een deel van de cliënten laat zich slecht instrueren over het in acht nemen van de hygiënische voorzorgsmaatregelen. Patiënten met psychiatrische problematiek kunnen zich niet altijd naar deze regels voegen.  

De doorverwijzing van huisartsen van nieuwe cliënten is nog niet op het oude niveau.

Knelpunten dagbesteding in de ggz-sector blijven

IGJ heeft een aantal signalen van aanbieders ontvangen over de dagbesteding. Er is minder ruimte op de dagbesteding vanwege de beperkende maatregelen. Ook vervoer naar de locatie is in sommige gevallen een probleem.

Financiële problemen leiden tot verkeerde zorg op de verkeerde plek

Patiënten- en cliëntenorganisaties zien dat gemeenten bezuinigen op de sociale wijkteams en op begeleiding, terwijl daar juist meer inzet nodig is. Daardoor komen mensen met maatschappelijke of persoonlijke problemen in de zorg terecht en ontstaan wachtlijsten voor mensen die deze zorg echt nodig hebben.

De vraag is wie ervoor kan zorgen dat er domeinoverstijgend wordt samengewerkt, de juiste zorg op de juiste plaats wordt geboden, onnodige zorg wordt voorkomen of vervangen door bijvoorbeeld e-health oplossingen.

Persoonlijke beschermingsmiddelen voor huisartsen bij de tweede golf

Op dit moment zijn er in de huisartsenpraktijken voldoende persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) aanwezig. Vooruitlopend op een mogelijk tweede golf moet voorkomen worden dat een vergelijkbare situatie ontstaat als tijdens de eerste golf. Het is de bedoeling dat ook de reguliere zorg zoveel mogelijk doorgaat. Dan zijn de volgende aspecten van belang:

Berekening van de benodigde materialen:

  • Er wordt weliswaar vanuit de overheid aangegeven dat er voldoende PBM zijn om dat te kunnen. Onduidelijk is echter waar deze berekeningen op zijn gebaseerd. Voorts is niet duidelijk of de aanvoer ‘duurzaam’ is. Waar komen de PBM vandaan (cave import) en is er sprake van een voorraad voor een bepaalde periode?
  • Het meenemen van de lessons learned over de distributie van de PBM. Het is van belang dat deze worden meegenomen met als doel duidelijke en bestendige (distributie)lijnen te hebben ten tijde van een tweede golf.