Meer aandacht nodig voor bescherming tegen hepatitis B in de mondzorgsector

Mondzorgverleners moeten meer aandacht besteden aan bescherming tegen Hepatitis B. Dat concludeert de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) na onderzoek bij 39 tandartsenpraktijken.

In totaal hebben we van 355 medewerkers in de tandartspraktijken de vaccinatiestatus onderzocht. Het gaat dan om tandartsen, tandartsassistenten, mondhygiënisten en tandprothetici. Ongeveer 70 procent bleek voldoende beschermd tegen Hepatitis B. 9 procent was niet voldoende beschermd. 21 procent kon niet aantonen dat ze goed beschermd waren.

Hoe is de situatie nu?

Bij een check 4 weken later bleek dat 23 medewerkers die niet goed beschermd waren, dat inmiddels wel zijn. 9 medewerkers zijn nog niet goed genoeg beschermd. 11 medewerkers zijn niet aantoonbaar goed beschermd. Deze 20 mogen voorlopig geen  patiënten behandelen.  Ze mogen ook niet werken in de sterilisatieruimte. Instellingen zijn verantwoordelijk voor goed beschermd personeel dat veilig kan werken. Wij zien hier op toe.

Belang van bescherming

Het is belangrijk dat zorgverleners goed beschermd zijn tegen Hepatitis B. Ze kunnen dit immers overdragen op patiënten. Binnen de mondzorg wordt veel met holle en scherpe instrumenten gewerkt. Daardoor bestaat er een risico op besmetting tijdens mondzorgbehandelingen. Dit risico is gelukkig klein, maar het is wel aanwezig. Daarom is het belangrijk dat mensen die deze behandelingen uitvoeren, goed zijn gevaccineerd. Een chronische hepatitis B-infectie kan leiden tot leverontsteking en uiteindelijk tot leverkanker.

Een voldoende bescherming kan je meten in het bloed. Dat noem je een titerbepaling. Voor mondzorgverleners moet de titer hoger dan 100 zijn.