Meer aandacht voor patiënten en familie bij calamiteiten

Ziekenhuizen en zorgaanbieders in de verpleeghuiszorg en thuiszorg spreken na een calamiteit steeds vaker in openheid met de betrokken patiënt, zijn naasten of nabestaanden over wat er is gebeurd. Het onderzoek naar de calamiteit wordt daardoor beter en openheid na een calamiteit vergroot het vertrouwen in goede zorg.

Dat stelt de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) i.o. in de publicatie ‘In openheid leren van meldingen’: in 2013 worden patiënt, naasten en nabestaanden in nog geen 20% van de calamiteitenonderzoeken betrokken, in 2016 is het percentage 80%, en in de eerste helft van 2017 ruim 82%. ‘Ook bij het doen van onderzoek naar calamiteiten krijgt de vraag wat belangrijk is voor de patiënt steeds meer aandacht’, zegt Ronnie van Diemen, Inspecteur-generaal voor Gezondheidszorg en Jeugd i.o. ‘Door openheid kunnen zorgverleners en raden van bestuur van de ervaring van de patiënt en zijn familie leren en neemt het vertrouwen in goede zorg toe.’

Inspectie maakt meer openbaar

In 2016 en 2017 gaf de inspectie voor het eerst een overzicht uit van ontvangen calamiteiten in de medisch-specialistische zorg en verpleeghuiszorg en thuiszorg. Deze publicatie is het vervolg hierop. De inspectie gaat deze periodieke rapportages ook voor andere sectoren in de zorg uitbrengen. Het belangrijkste doel is dat zorgverleners kunnen leren van elkaars ervaringen en dat het bijdraagt aan het vertrouwen van patiënten in goede zorg 

Hogere kwaliteit calamiteitenrapporten

De inspectie stelt vast dat calamiteitenonderzoeken door zorginstellingen zelf van steeds betere kwaliteit zijn. De inspectie richt zich bij haar oordeel ondermeer op het leerproces ná de calamiteit zodat zulke calamiteiten in de toekomst zo veel mogelijk worden voorkomen.

Stijging van meldingen

Ziekenhuizen en zorgaanbieders in de verpleeghuiszorg en thuiszorg zijn wettelijk verplicht om calamiteiten te melden aan de inspectie. Het aantal calamiteitenmeldingen stijgt, ook door de oproep van de inspectie om bij twijfel te melden. Ook constateert de inspectie dat calamiteiten steeds beter worden herkend. In 2013 was het aantal meldingen bijna 800, in 2016 is dat aantal  gestegen naar ruim 1300. Over 2017 heeft de inspectie nog geen totaalbeeld. In de eerste maanden van 2017 zijn er in de medisch-specialistische zorg 554 meldingen gedaan. In de verpleeghuiszorg en thuiszorg zijn in de eerste helft van 2017 zijn in totaal 207 verplichte meldingen van calamiteiten gedaan. Ongeveer de helft van de meldingen blijkt daadwerkelijk een calamiteit te zijn.

55 bestuurlijke boetes

De inspectie heeft in 2016 wegens een overtreding van wet- en regelgeving een 55 keer een bestuurlijke boete opgelegd. Het niet of te laat melden van een calamiteit werd 8 keer beboet.